De site van H.J. de Boer

Homepage van H.J. de Boer > Frontpage

De verborgen agenda van de vakbonden


Op een moment dat iedereen een mening lijkt te moeten hebben over het voorgestelde kabinetsbeleid, ook wanneer deze mening volstrekt ononderbouwd is, wil ik graag hier op mijn eigen plaats ook mijn visie op die kwestie geven. Ik hoop dat beter onderbouwd te doen dan sommige van de meest belangrijke spelers in de huidige probleemsituatie plegen te doen. Mocht ik daar niet in slagen, dan heb ik in ieder geval een poging gewaagd, waar sommige van de subjecten in dit hele circus soms juist het tegenovergestelde lijken te beogen.

Wat vooraf ging
Om te beginnen bij het punt waar volgens mij ongeveer het begin ligt, ga ik terug naar de gebeurtenissen van het vroege voorjaar van 2003. Naar mijn gevoel is toen namelijk reeds de basis gelegd voor het huidige wantrouwen tussen het kabinet en de vakbonden. Het CDA won de verkiezingen nipt van de PvdA. Toen na enkele weken onderhandelen duidelijk werd dat het CDA niet verder wilde praten, gingen veel verongelijkte stemmen op onder PvdA-stemmers. Was die ontevredenheid terecht, of niet? Mijns inziens hadden alle betrokken partijen die gebeurtenis al vóór de verkiezingen aan kunnen zien komen, toen Balkenende onomwonden zijn voorkeur uitsprak voor een coalitie met de VVD:

quote: http://www.parlement.com/9291000/modulesf/fyakie4j?key=gcpclsxz
CDA-leider Jan Peter Balkenende heeft tijdens een verkiezingsbijeenkomst gisteravond nogmaals zijn voorkeur uitgesproken voor een nieuwe regeerperiode met de VVD. Alleen in een coalitie met de VVD zullen de juiste keuzes voor de huidige problemen worden gemaakt, volgens Balkenende. Met name op het gebied van de overheidsfinanciën, infrastructuur, veiligheid en integratie zien de Christen-Democraten mogelijkheden met de Liberalen. In het lijsttrekkersdebat van 8 januari jongstleden kwam PvdA-voorman Wouter Bos het CDA tegemoet met strengere ideeën over veiligheid en integratie. Volgens Balkenende betekent een kabinet met de PvdA echter een terugkeer naar een Paars beleid en dat 'gaat de verkeerde kant op'.

Is het uitspreken van een dergelijke voorkeur voor de verkiezingen ondemocratisch, getuigt het van minachting van het oordeel van de kiezer of is het regentesk gedrag, zoals toentertijd al door de linkervleugel in het politieke bestel aan Balkenende werd verweten? Mijns inziens niet. Het uitspreken van deze voorkeur nog vóór de verkiezingen maakte de keuze voor de kiezer juist transparant en zorgde dat de overwegingen uit de zogenaamde 'achterkamertjes' al voor de stemming kenbaar waren. Of is anders een lijstverbinding tussen bijvoorbeeld GroenLinks en de SP anders ook ondemocratisch? Dat lijkt me niet het geval. Bovendien was de voorkeur die Balkenende uitsprak, zoals hij zelf zei, gebaseerd op de wil om de 'juiste keuzes' te maken voor de huidige problemen, iets dat uiteindelijk door zowel de stemmers op CDA, VVD en D66 mogelijk is gemaakt. Die wil om problemen aan te pakken op een bepaalde manier komt voort uit een bezieling en ideologie die onder de twee Paarse kabinetten ver te zoeken was. Wilde het volk nu juist dát niet weer terug zien te krijgen in de politiek - mede de reden voor het succes van Pim Fortuyn?

Hoe gerechtvaardigd en logisch die hele gang van zaken voor mij dan ook lijkt te zijn, wellicht des te gemakkelijker omdat ik aan de kant van regerende partij sta, uiteraard werd dit in PvdA-kringen anders gevoeld. Als ik echter zeg PvdA-kringen, dan ga ik eraan voorbij dat waarschijnlijk de gehele linkerflank in het politieke spectrum zich bekocht voelde. En niet alleen in het politieke spectrum, maar ook in het maatschappelijke veld. Zo redenerende komt mij onwillekeurig meteen het beeld van vakbondsleider Lodewijk de Waal voor de geest, die naar ik aanneem van harte had gehoopt op een samenwerking tussen de sociale partners en een linksgeoriënteerd kabinet met de PvdA aan de knoppen. Anders gezegd, De Waal had waarschijnlijk gehoopt op sociale tegendruk vanuit het kabinet tegen de werkgeversorganisaties. Nu zag hij zich geplaatst tegenover diezelfde werkgeversorganisaties en daarnaast een kabinet dat niet van zins leek om het begrotingstekort uit de hand te laten lopen; wellicht ten koste van de belangen die hij geacht werd te behartigen.

De huidige problematiek
Het kabinet Balkenende II, dat vanaf zijn aantreden te kampen heeft met een vrijwel verwaarloosbare economische groei, moest zien soep te koken van groenten uit een groententuin die in de voorgaande jaren verwaarloosd was, en stelde zich bovendien ten doel om maatregelen te nemen die het land een zekerder financiële toekomst moesten brengen. Ook deze plannen waren reeds voor de verkiezingen van 2003 bekend overigens. Toch buitelden partijen als de PvdA en de vakbonden over het kabinet heen toen afgelopen augustus en september de regeringsplannen naar buiten kwamen, die niet de cadeautjes bevatten die zij aan de burger hadden willen geven als zij regeringsmacht hadden gehad. De discussie bewoog zich van algemene uitingen over de asociale lijn van het kabinet naar meer concrete vraagstukken als prepensioen en koopkracht.

Laten we eens wat gedetailleerder naar de standpunten over deze zaken kijken. Wat is dat prepensioen nou eigenlijk? Er bestaan verschillende vormen van prepensioen. Prepensioen gaat over de periode vóór 65 jaar en zorgt ervoor dat werknemers al voor hun 65e kunnen stoppen met werken. Veel prepensioenregelingen bevatten nog overblijfselen van de oude VUT-regelingen. Dat houdt in dat jongere werknemers in sommige prepensioenregelingen betalen voor het prepensioen van oudere werknemers. Die laatste groep heeft namelijk nog onvoldoende kunnen sparen voor hun prepensioen in de nieuwe regeling. Zowel de VUT- als prepensioenpremies zijn fiscaal aftrekbaar. Dat wil zeggen dat je over deze premies geen belasting hoeft te betalen, maar over de uiteindelijke uitkering wordt wel geheven. Het kabinet gaat deze regeling 'facultatief afschaffen' volgens de bestaande plannen.

quote: http://www.overheidsinformatie.nl/asp/artikel.asp?artidt=Art_015338
Prepensioen is vrijwillig
Werknemers kunnen vanaf 1 januari 2006 vrijwillig deelnemen aan de prepensioenregeling. Dit heeft de ministerraad afgelopen vrijdag besloten. Werknemers die niet meer willen meedoen aan de tot nu toe verplichte regeling, kunnen het voor hun prepensioen gespaarde geld opvragen en naar eigen keus besteden. Per werknemer kan het oplopen tot een jaarsalaris. Deze werknemers hoeven geen VUT of prepensioenpremie meer te betalen en houden dus elke maand netto meer over. Vrijwel alle CAO's en pensioenregelingen kennen momenteel een verplichte prepensioenregeling. Hiermee is het de bedoeling dat werknemers op hun 62e genoeg gespaard hebben om met pensioen te gaan.

Volgens de tekst van de Troonrede 2004 beseft de regering dat dit bij oudere werknemers onzekerheden op zal roepen. Daarom zijn er in de voorstellen overgangsregelingen opgenomen, ook in verband met het rechtszekerheidsbeginsel uiteraard. In 2006 zal een levensloopregeling worden geïntroduceerd, waarmee werknemers kunnen sparen voor zorg, arbeid, scholing en verlof. Zo hoopt men een evenwicht te bereiken tussen de noodzakelijke verhoging van arbeidsparticipatie, het ontzien van oudere werknemers en het beheersen van lasten voor jongere werknemers in de toekomst, aldus de uitspraken in de Troonrede. Nu, dat laatste punt wilde ik mij even op concentreren. Het bezwaar dat door de FNV geuit wordt tegen het feit dat het betalen van premie voor prepensioenen facultatief wordt, is dat de solidariteit tussen generaties wordt doorgeknipt. Werknemers die uit de regeling stappen, betalen dan geen premie meer, en krijgen zelf de werkgeverspremie mee. Een prepensioenfonds kan dan niet meer voldoende draagvlak opbouwen, aldus de FNV.

Welnu, over dat draagvlak maak ik mij ook ongerust. Maar dan niet over het draagvlak binnen een termijn van tien jaar, maar juist daarna. Juist dát belang trekt ook dit kabinet zich aan. Inmiddels wordt al wel vijftien jaar gepraat over vergrijzing, zonder dat dit tot enige serieuze politieke ophef en bijbehorende structurele en heldere regelingen heeft mogen leiden. Als we praten over 'de vergrijzing' dan praten we in dit verband over het en masse met pensioen gaan van de generatie van mijn ouders. Dan praten we over het feit dat het aantal 65-plussers in 2002 ongeveer 35 procent van het aantal werkenden bedroeg en dat voor 2040 wordt geraamd op 55 procent. De solidariteit die de FNV voorstaat is ook voor mij uiteraard een groot goed en een nastrevenswaardig ding, maar een onverkort vasthouden aan deze vorm van solidariteit is een afkeurenswaardige zaak naar mijn mening. De solidariteit waar de FNV mee schermt is een kortetermijnpolitiek van populaire en clichématige zinnetjes die naar mijn mening nu al een decennium lang voorkomen heeft dat er daadwerkelijk constructieve veranderingen aan het pensioensysteem werden aangebracht. Want wat is die solidariteit nu nog waard, wanneer op een gegeven moment de groep die geacht wordt de sterkste schouders te hebben zover geslonken is ten opzichte van alle zwakke schouders, dat die lasten ondraaglijk worden? De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten, akkoord... maar zij kunnen niet meer dan hun eigen gewicht dragen!

Juist om die reden ook pleit emeritus hoogleraar Van Praag van de Universiteit van Amsterdam in het reeds gelinkte artikel om het huidige omslagstelsel om te zetten in een kapitaaldekkingsstelsel voordat het te laat is. "Er is geen enkele logische noodzaak om een sociaal systeem via een omslagstelsel te financieren", zo stelt hij. In een kapitaaldekkingsstelsel sparen werkende mensen voor zichzelf een potje in plaats van voor de mensen die al niet meer werken. Is dat asociaal? Dat hoeft niet, ook dat is wettelijk te regelen. Daar kan ook een extra pakket van lastenverlichting voor de lagere inkomens aan gekoppeld worden; dan nog levert een systeem met kapitaaldekking meer 'value for money' op. "Laten we in ieder geval serieus gaan nadenken over een fundamentele stelselwijziging en laten we ophouden de gedachte te koesteren dat het vanzelf wel weer goed komt, of dat 'een AOW-fonds', hoe goed ook als eerste begin, ons over een tijdelijke hobbel heen kan helpen. Die hobbel is niet tijdelijk", aldus Van Praag.

In zoverre zijn de vurige pleidooien van heren als Lodewijk de Waal en Wouter Bos naar mijn idee niet meer dan een populistische en clichématige uiting van termen en teksten die reeds in het verleden bewezen hebben succesvol te zijn in het mobiliseren van 'de grote ontevreden groep'. Ernstige kanttekeningen kunnen dus geplaatst worden bij de realiteitszin en de waarde ervan op de lange termijn. Naar mijn mening zijn het geen uitingen van vooruitziende wijsheid en ideologie, maar veeleer van gespannen pogingen om aanhang te verwerven en zelf op het pluche te komen. Eens te meer een bewijs daarvoor, is het niet op waarheid berustende, maar constant aanhoudende gezang van de vakbondsleiders die de burger vertellen dat de gemene regering iedere hard ploeterende werknemer minstens tot zijn 67e door wil laten werken. Die dreigende geluiden aanhorende las ik namelijk tot mijn verbazing zonder omhaal het volgende in de Troonrede:
quote:
Om de economische groei te bevorderen en voldoende arbeidsaanbod in de toekomst te verzekeren, wil de regering langer werken stimuleren. Óf mensen uiteindelijk langer of korter werken, blijft echter hun persoonlijke keuze.
Ik lees daar woorden, die geen twijfel laten over de kabinetsplannen: 'stimuleren' en 'persoonlijke keuze'. Ook heeft de regering reeds toegezegd dat werknemers in slijtende sectoren als de bouw uiteraard niet tot hun 65e door zullen hoeven werken, maar gewoon na veertig dienstjaren ermee kunnen stoppen.

Wat voor kwaads in de regeringsplannen zie ik over het hoofd, wat Lodewijk de Waal en anderen wel zien? Wil deze regering ons land dan daadwerkelijk slopen en stuk maken, zoals sommige stickers en posters van de FNV met veel kleur en emotie beweren? Heb ik dan gekozen voor een kabinet dat alles dat in de afgelopen zestig jaar is opgebouwd binnen één regeerperiode prijs wil geven? Welnee, volstrekt niet. Ik heb blijkbaar gekozen voor een partij die doet wat hij belooft: orde op zake stellen. En niet een orde die de burger in de komende vier jaar blij genoeg maakt, zodat deze bij volgende verkiezingen weer op die partij stemt. Het gaat hier om oplossingen waarvan we pas over enkele tientallen jaren daadwerkelijk de vruchten kunnen plukken. Natuurlijk had de PvdA met cadeautjes gestrooid indien deze partij had geregeerd; dat zou de partij vast net zo'n grote groei in de peilingen hebben gegeven als het onderhavige beleid van de huidige regering. Het verschil zit hem echter hierin, dat een structurele aanpassing van ouderdomsvoorzieningen ervoor kan zorgen dat deze nog in een (zij het) afgeslankte vorm überhaupt in stand kunnen blijven, waar een vrijgeviger begrotingsbeleid met een toenemend begrotingstekort en oplopende staatsschuld deze mogelijkheid alleen maar onwaarschijnlijker zou maken.

De verborgen agenda van de vakbonden
Toch hoeft een vakbond als de FNV eigenlijk niet te verlangen naar een situatie waar een geestverwante partij in de regeringsbanken zit. In de dagen van economische voorspoed waarin wij de afgelopen tien jaar geleefd hebben, geregeerd door een Paars kabinet, nam de betekenis en het belang van de vakbond gestaag af. Er onstond een terugloop in het aantal leden, wat tot financi?le problemen leidde bij FNV Bondgenoten. In 2001 moest er daarom zelfs een reorganisatie doorgevoerd worden waarbij niet kon worden gegarandeerd dat er geen gedwongen ontslagen zouden vallen. (Ik neem aan dat ik daar verder geen extra opmerkingen bij hoef te plaatsen.) Gelukkig voor de kwakkelende FNV kwamen eindelijk partijen als het CDA en de VVD aan de macht, waardoor de oude vertrouwde wapenrusting weer aangetrokken kon worden. Wat de inhoud van de plannen van deze partijen ook is, ook al zijn deze toekomstgericht en kost het wat pijn om de nalatigheid uit het verleden te herstellen, Lodewijk de Waal spiegelt de burger voor dat deze zal moeten gaan werken tot hij erbij neervalt en dat de regering verder alle verworvenheden van de afgelopen eeuw op sociaal gebied wil afpakken. Het is hemeltergend om te zien dat deze strategie, die beter in het negentiende-eeuwse klimaat had gepast, ook vandaag de dag zijn uitwerking niet mist: "Groei bonden door acties".

"De acties van de vakbeweging tegen het kabinetsbeleid zijn nu al een succes, ongeacht of het kabinet zich er iets van aantrekt. De ledentallen van de meeste vakbonden zijn sterk gegroeid sinds het begin van de acties deze maand", zo opent het persbericht op de site van de gezamenlijke vakbonden. Nu, deze twee zinnen geven mijns inziens exact de tweeslachtige houding en de mate van integriteit van de huidige vakbondsleiders aan. Of het kabinet zich iets van deze acties aantrekt lijkt namelijk helemaal niet van belang, zo is mijn gevoel over de manier waarop de vakbonden knuppels in allerlei hoenderhokken gooien. De wijze waarop lichtvoetig voorbijgegaan wordt aan de noodzaak voor de lange termijn van het huidige kabinetsbeleid komt mij te onlogisch voor om oprecht te zijn. Het inspelen op de onderbuikgevoelens van potentieel ontevreden burgers is te goedkoop en bovendien ongepast. De ontevreden werknemer wordt als pion ingezet door de vakbond, niet eens om een daadwerkelijk conflict met de regering of de werkgeversorganisaties kracht bij te zetten, maar om als vakbond zelf weer op de weg naar boven te komen. De ledentallen van de meeste vakbonden zijn sterk gegroeid sinds het begin van de acties! Wat zal het Lodewijk de Waal dan interesseren dat hij plannen dwarsboomt die de ouderdomsvoorzieningen op lange termijn betaalbaar houden; plannen die de door hem misbruikte term solidariteit daadwerkelijk een kans op overleven geven voor de komende vijftig jaar... De vakbonden floreren weer. Een beter resultaat kun je toch niet bereiken als vakbondsleider? Ethiek en duurzame strategie wijken voor groeicijfers op de korte termijn; het lijkt wel een raad van bestuur onder druk van aandeelhouders. Het lijkt wel ondernemerschap.

Waar zo eenzijdig en kortzichtig gehandeld wordt uit eigenbelang, is naar mijn idee de solidariteit nogal afwezig. Het is betreurenswaardig dat deze term misbruikt wordt ten gunste van het imago en de groei van een vakbond, terwijl de financiële toekomst van grote bevolkingsgroepen, nee... van een land op het spel staat. Dus Lodewijk de Waal, denk aan het hogere belang, stop met die goedkope volksmennerij, stop met het schreeuwen van kreten die de waarheid geweld aan doen en ga constructief in gesprek met de regering. Stop met het net zo lang actievoeren tot je ledenbestand weer voldoende gevuld is, maar werk mee aan beleid waarmee we de toekomst in kunnen, in plaats van de nadruk op de komende paar jaar te leggen. Mocht het in het spel zijn, leg dan je politieke en persoonlijke weerzin tegen dit kabinet van je af en neem je verantwoordelijkheid. Ga niet als een verongelijkt jongetje je gram halen, maar werk mee aan oplossingen waardoor ik de oude dag van mijn ouders kan betalen. Lodewijk de Waal, keer terug van je schreden en doe wat je moet doen, want Nederland verdient beter!